Blog 4 in de reeks ‘evolutionaire psychologie’: Evolutie en verslavingen

Om als mensen succesvol te overleven en onze genen door te geven moeten we niet enkel met gevaren omgaan (blog 1) en samenleven in een groep (blog 2), maar moeten we ook voldoen aan een breder aantal (basis)behoeftes zoals voedsel, water, goede huizing, vrije tijd, sociale status en seks. Onze hersenen worden gemotiveerd om aan deze behoeftes te voldoen door een toename van dopamine in specifieke hersengebieden, wat resulteert in een kortstondig fijn gevoel. Maar dit kan ook aanleiding geven tot verslavingen, waarvan bedrijven graag gebruik van maken om geld te verdienen. In deze blog diep ik verder uit hoe onze evolutionaire behoeftes kunnen leiden tot verslavingen, zeker in consumptiemaatschappijen waar vele verleidingen zoals fastfood, TV series, gamen, online shopping, kansspelen of internetporno overvloedig aanwezig zijn.

Basisbehoeften, dopamine en overconsumptie

Tijdens de evolutie van de mens was er vaak sprake van schaarste aan voedsel en water. Ons lichaam heeft zich daardoor aangepast om overtollige calorieën op te slaan in de vorm van vet en om water te besparen in tijden van gebrek, bijvoorbeeld door minder te zweten en speeksel te produceren. Dit geldt ook voor andere essentiële zaken, zoals basismaterialen (kleding, gereedschap, kookgerei) en luxegoederen (zoals juwelen), evenals voor seks en sociale middelen (waaronder vrienden, netwerken en status). Omdat deze zaken vaak schaars waren en nog steeds zijn is het evolutionair voordelig om aan deze behoeften te voldoen. Onze hersenen zijn daarom geëvolueerd om motivatie te creëren om in onze (basis)behoeften te voorzien: we krijgen een kleine dopamineboost wanneer we eten, drinken, sociale bevestiging krijgen, seks hebben of leuke dingen aanschaffen, wat leidt tot een kortstondig gevoel van geluk.

In moderne samenlevingen komen markten en fabrikanten van goederen momenteel ruimschoots tegemoet aan sommige van deze evolutionaire behoeftes zoals bijvoorbeeld via de productie van voedsel, medicatie en kleding. Maar soms gebeurt dit op een extreme manier wat negatieve gevolgen kan veroorzaken. Zo verkopen fastfoodketens calorierijk voedsel met veel verzadigde vetten, suikers en zout waarvoor mensen een sterke voorkeur hebben, met een obesitasepidemie tot gevolg. Op een vergelijkbare manier komen producenten van pornofilms tegemoet aan een menselijke behoefte aan seks op een extreme manier die vaak weinig overeenkomsten met alledaagse seks en creëren sociale mediawebsites een vals gevoel van sociaal contact met ‘likes’ en ‘volgers’. Op deze manier worden onze evolutionaire voorkeuren en behoeften elke dag verleid met vaak extreme surrogaten (bv., fastfood, porno of ‘likes’ op sociale media), wat voor sommige mensen resulteert in een verslaving.

Bij het voldoen van onze (basis)behoeftes is er dus wederom sprake van een mismatch tussen genetisch geselecteerde voorkeuren voor zaken zoals calorierijk voedsel, seks en sociale validatie en de omgeving waarin deze zaken momenteel overvloedig beschikbaar zijn (fastfood, porno) of gebruikt worden door bedrijven (likes via sociale media). Deze mismatch levert op zijn beurt problemen op zoals obesitas, porno-verslaving en sociale-media verslaving. Dit verschil in onze historische omgeving waarin we evolutionair zijn aangepast en de moderne samenleving verklaart de grote aanwezigheid van deze verslavingen in moderne samenlevingen (met schattingen die oplopen tot 10% van de bevolking) (3).

Waarom verslavingen schadelijk zijn

Een verslaving komt voor wanneer iemand geen controle meer heeft over zijn of haar gedrag of het gebruik van middelen. Meestal gaat na verloop van tijd de nood aan het middel of het gedrag een hele sterke invloed uitoefenen op het leven van een persoon en tot problemen leiden. Zo kan iemand met een drugsverslaving al zijn of haar spaargeld (en dat van vrienden en familie) uitgeven aan het kopen van drugs en hierdoor mogelijk werkloos of dakloos worden. Op een gelijkaardige manier kan iemand met een gokverslaving al zijn spaargeld verspelen en eindigen met grote schulden of iemand met een sociale media verslaving kan de hele dag spenderen aan het creëren van content voor hun profiel, wat leidt tot de verwaarlozing van sociale relaties met vrienden en familie. Daarnaast kan een fastfood verslaving leiden tot morbide obesitas en kan een pornoverslaving ervoor zorgen dat je geen gezonde seksuele relaties meer kan aangaan. Kortom, een verslaving kan het hele leven van iemand overnemen en leiden tot aanzienlijke lichamelijke, mentale, financiële en/of sociale problemen.

Vaak is er een gradueel verloop bij een verslaving, waarbij er pas na verloop van tijd sprake is van problematisch gedrag. Initieel is het gedrag vaak onschuldig, maar na verloop van tijd is er steeds meer extremer gedrag of stimulatie nodig om hetzelfde belonende gevoel te krijgen. Zo kan bijvoorbeeld iemand met een gokverslaving telkens grotere sommen geld vergokken of iemand met een pornoverslaving steeds extremere en illegale films kijken om nog dezelfde opwinding te kunnen ervaren. Op een gelijkaardige manier kan iemand gradueel meer tijd investeren in het maken van digitale content of steeds meer fastfood eten om een gevoel van verzadiging te krijgen. Dit graduele verloop zorgt ervoor dat een verslaving soms moeilijk te herkennen is door de persoon zelf. Vaak kunnen anderen het verslaafde gedrag beter herkennen. Soms is op dit punt de veroorzaakte schade al enorm en moeilijk te overkomen. Toch is het goed om te realiseren dat er op ieder moment nog een ommekeer kan worden gemaakt weg van de snelle maar schadelijke beloningen gelinkt aan verslavingen.

Gedragsverslavingen en drugsverslavingen

In de wetenschappelijke literatuur wordt er soms een onderscheid gemaakt tussen gedragsverslavingen en drugsverslavingen. Bij gedragsverslavingen is de verslaving gelinkt aan het stellen van specifieke gedragingen zoals het eten van fastfood, gokken of online content plaatsen. Hierbij worden de hersenen indirect gestimuleerd met een korte dopamineboost door het eten van calorierijk fastfood of het krijgen van validatie (bv., ‘likes’) op sociale media. Daarentegen hebben verschillende drugs een directe invloed op dopamine en endorfine receptoren in de hersenen, wat leidt tot een fijn gevoel. Zo stimuleert het nemen van cocaïne direct de hoeveelheid dopamine in bepaalde hersengebieden, wat zorgt voor een genotsgevoel en een toename aan zelfvertrouwen. Heroïne daarentegen heeft een effect op de endorfine-receptoren in de hersenen, wat zorgt voor pijnverlaging en een intens gelukzalig gevoel. Door deze directe werking op het beloningsysteem in de hersenen kunnen harddrugs een sterk verslavend effect veroorzaken.

Zowel bij gedragsverslavingen en drugsverslavingen treedt er helaas vaak snel gewenning op aan de dopamineverhogingen in de hersenen, waardoor steeds grotere of frequentere dosissen moeten genomen worden van de drugs of dat er extremer gedrag moet worden gesteld (bv., grotere bedragen vergokken of vaker content posten op sociale media) om hetzelfde belonende effect te krijgen. Hierdoor kunnen beide soorten van verslavingen snel escaleren.

Net zoals bij gedragsverslavingen is er ook bij harddrugs opnieuw sprake van een evolutionaire mismatch: doorheen onze evolutie waren er nog nooit gepurificeerde of synthetische stoffen die een dergelijke sterke werking hebben op onze hersenen. We zijn dus ook niet evolutionair aangepast aan de mogelijke problemen die deze stoffen veroorzaken, zoals neveneffecten, afhankelijkheid en problemen in de sociale omgeving. Nu dat harddrugs meer en meer beschikbaar worden in Nederland en België levert deze mismatch aanzienlijke individuele en maatschappelijke problemen op.

Verslavingen tegengaan: uitgestelde beloning en alternatieve beloning

Door marktwerking en het resulterende uitgebreide aanbod aan dopamine-stimulerende middelen vergt het in de huidige maatschappij veel zelfcontrole om niet verslaafd te worden aan een van de vele verleidingen zoals fastfood, porno, gokken, roken, alcohol, drugs, gamen, medicatie, tv-series, shoppen of sociale media. Met uitzondering van drugs worden al deze zaken vaak direct gemarket aan ons (bv., via reclame op tv) en zijn ze makkelijk beschikbaar. Maar ondanks dat deze zaken makkelijk beschikbaar zijn en een fijn gevoel geven op korte termijn, zorgen ze op lange termijn vaak voor aanzienlijke gezondheidsschade, financiële problemen en/of sociale conflicten.

Eén manier om met deze verleiding door verslavende middelen om te gaan is via het hebben of aanleren van zelfcontrole. Vanuit onze omgeving en via informatiecampagnes worden we eraan herinnerd om aan de gevolgen op lange termijn te denken die zijn gelinkt aan verschillende verslaving (bv., leverschade na langdurig gebruik van alcohol) in plaats van enkel te focussen op het genot op de korte termijn. In de psychologie wordt het prioriteren van lange-termijn doelen over korte-termijn beloningen ook wel uitgesteld beloning genoemd. In de meest bekende studie over dit fenomeen gaven de onderzoekers kinderen een bord met een marshmallow erop (4). De kinderen werden verteld dat zij deze marshmallow meteen mochten opeten, maar als ze dit niet meteen deden zouden ze na ongeveer 15 minuten wachten een extra marshmallow krijgen. Deze “marshmallow test” om zelfcontrole te meten is nuttig gebleken om succes op latere leeftijd bij deze kinderen te voorspellen zoals schoolresultaten en een gezond BMI. Het niet doorstaan van de marshmallow test was gerelateerd aan een hogere kans op drugsgebruik op latere leeftijd (4).

Het hebben van zelfcontrole lijkt dus zeer nuttig in de context van verslavingen, zeker wanneer er vele verleidingen zijn die op lange termijn schade kunnen veroorzaken. Maar psychologisch onderzoek toont aan dat het moeilijk is om continu zelfcontrole te vertonen. Meer specifiek komt er uit sommige onderzoeken naar voren dat zelfcontrole een beperkte hulpbron is: na verloop van tijd raakt zelfcontrole uitgeput, net zoals een spier die vermoeid raakt (5). Na het uitoefenen van veel zelfcontrole hebben mensen soms moeilijkheden met het volhouden van zelfcontrole voor andere zaken (bv., na veel te hebben gewerkt ‘belonen’ sommige mensen zichzelf met ongezond eten) (6). Zelfcontrole is dus geen eindeloze bron. Daarnaast is er ook natuurlijke variabiliteit in het hebben van zelfcontrole: sommige mensen hebben veel meer zelfcontrole dan anderen. Het hebben van zelfcontrole alleen is dus vaak onvoldoende om met verslavingen om te kunnen gaan, zeker voor mensen die hier meer moeite mee hebben.

Een andere techniek dan zelfcontrole om verslavingen te vermijden of tegen te gaan is het zoeken naar andere zaken die belonend werken, zonder dat ze schadelijke effecten hebben op lange termijn. Hobby’s zoals hardlopen, fitness, tennis, bordspelletjes, filmavonden, lezen en reizen hebben ook een belonend effect op de hersenen, zonder dat ze op de lange termijn slecht voor ons zijn. Een welbekend fenomeen hiervan is de “runner’s high” waarbij endorfine in de hersenen vrijkomt na een lange rensessie (en andere sportsessies). Een voordeel van deze techniek is dat het vervangen van verslavingen door positieve (belonende) activiteiten een kleinere hoeveelheid zelfcontrole vereisen. Het is namelijk makkelijker om een andere leuke activiteit te doen (bv., naar de bioscoop gaan) dan om enkel iets niet te doen (bv., niet thuisblijven om series te binge-watchen). Een ander voordeel is dat positieve hobby’s vaak incompatibel zijn met verslavingen. Zo zijn alcohol en drugs slecht combineerbaar met sport of zijn spelletjesavonden met vrienden slecht combineerbaar met een verslaving aan sociale media. Onderzoek heeft ook aangetoond dat sport en fysieke activiteit kunnen helpen om drugsverslavingen tegen te gaan (7,8).

Conclusie: Verslavingen als evolutionaire mismatch

Doorheen onze evolutionaire geschiedenis hebben we sterke behoeftes ontwikkeld aan bepaalde zaken zoals calorierijk voedsel, seks en sociale validatie. In moderne samenlevingen zijn sommige van deze dingen overvloedig aanwezig, wat kan leiden tot verslavingen die een negatieve impact hebben op onze gezondheid en sociaal functioneren. Het vergt bijzonder veel zelfcontrole van mensen om niet verslaafd te worden aan de vele verleidingen die binnen moderne consumptie-gerichte samenlevingen worden aangeboden (bv., tv-series, sportweddenschappen, porno, fastfood, frisdrank, sociale media, games, online shoppen, etc.). Op individueel niveau kan het focussen op alternatieve belonende en gezonde activiteiten zoals sport of sociale activiteiten een manier bieden om met dit grote aanbod aan verslavende middelen om te gaan. Maar wellicht zal er op lange termijn meer regelgeving moeten komen vanuit overheden om de schadelijke gevolgen van overconsumptie te beperken, net zoals dit bijvoorbeeld met tabaksproducten gebeurde.


Referenties

1.          Spanagel R, Weiss F. The dopamine hypothesis of reward: past and current status. Trends Neurosci [Internet]. 1999 Nov;22(11):521–7. Available from: https://linkinghub.elsevier.com/retrieve/pii/S0166223699014472

2.          Schultz W. Getting Formal with Dopamine and Reward. Neuron [Internet]. 2002 Oct;36(2):241–63. Available from: https://linkinghub.elsevier.com/retrieve/pii/S0896627302009674

3.          Jellinenk. Hoeveel mensen in Nederland zijn verslaafd en hoeveel zijn er in behandeling? [Internet]. 2023. Available from: https://www.jellinek.nl/vraag-antwoord/hoeveel-mensen-zijn-verslaafd-en-hoeveel-zijn-er-in-behandeling/

4.          Shoda Y, Mischel W, Peake PK. Predicting adolescent cognitive and self-regulatory competencies from preschool delay of gratification: Identifying diagnostic conditions. Dev Psychol [Internet]. 1990 Nov;26(6):978–86. Available from: https://doi.apa.org/doi/10.1037/0012-1649.26.6.978

5.          Muraven M, Baumeister RF. Self-regulation and depletion of limited resources: Does self-control resemble a muscle? Psychol Bull [Internet]. 2000;126(2):247–59. Available from: https://doi.apa.org/doi/10.1037/0033-2909.126.2.247

6.          de Witt Huberts JC, Evers C, De Ridder DTD. License to sin: Self‐licensing as a mechanism underlying hedonic consumption. Eur J Soc Psychol [Internet]. 2012 Jun 20;42(4):490–6. Available from: https://onlinelibrary.wiley.com/doi/10.1002/ejsp.861

7.          Wang D, Wang Y, Wang Y, Li R, Zhou C. Impact of Physical Exercise on Substance Use Disorders: A Meta-Analysis. Raju R, editor. PLoS One [Internet]. 2014 Oct 16;9(10):e110728. Available from: https://dx.plos.org/10.1371/journal.pone.0110728

8.          Lynch WJ, Peterson AB, Sanchez V, Abel J, Smith MA. Exercise as a novel treatment for drug addiction: A neurobiological and stage-dependent hypothesis. Neurosci Biobehav Rev [Internet]. 2013 Sep;37(8):1622–44. Available from: https://linkinghub.elsevier.com/retrieve/pii/S0149763413001668

Plaats een reactie